
Nadat Presidenten Obama en Sarkozy en de Britse premier Gordon Brown tijdens de afgelopen G-20 top in Pittsburgh onthulden dat Iran aan een tweede, eerder onbekende kerncentrale bouwt heeft met name het Franse staatshoofd ferme taal aangeslagen. De drie staatsmannen dreigden allen met sancties indien Iran niet meewerkt maar geen van hen leek zo overtuigd van zijn zaak als Sarkozy.
Er zijn verschillende redenen voor dit gedrag. Ten eerste is de president oprecht bezorgd over een nucleair Iran. Hij voorziet, terecht, een Israëlische aanval op Iran om te voorkomen dat het land een kernwapen weet te ontwikkelen. Dat zou de situatie in het Midden-Oosten verder onder druk zetten terwijl Sarkozy zich juist inspande, in samenspel met zijn Egyptische ambtgenoot Moebarak, om het Israëlisch-Palestijnse conflict tot bedaren te brengen.
John Vinocur van The New York Times bespeurt een tweede reden: Frankrijks internationale invloed en ’s lands speciale status als een kernmogendheid en vast lid van de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties gedijen volgens hem bij een agressief pleidooi voor eerbiediging van verdragen: het non-proliferatieverdrag in het bijzonder. Daarnaast is Sarkozy al onder de vorige President Bush begonnen om de Frans-Amerikaanse betrekkingen nieuw leven in te blazen. Hij maakte Frankrijk wederom volledig lid van de NAVO en zet zijn toenaderingskoers voort nu Obama in het Witte Huis zit.
De Franse diplomaten die in Genève onderhandelden met Iran hebben niet het gevoel dat dit en eerder overleg bijzonder veel nut heeft gehad. De Britten en de Duitsers gaan daarin mee en zouden bij de Amerikanen aandringen op het opleggen van zwaardere sancties maar de vraag is of China en Rusland beide mee te krijgen zijn. Ook deze twee landen zitten aan de tafel in Genève en houden hun vetorecht in de Veiligheidsraad achter de hand.
Michael Williams, een specialist op het gebied van internationale betrekkingen aan de Universiteit van Londen, karakteriseert de huidige verhouding tussen West-Europa en de Verenigde Staten als een spel van good cop/bad cop jegens Iran waarin de traditionele rollen zijn omgedraaid: niet langer komen de dreigingen met wapengekletter van de overzijde van de Atlantische Oceaan en mogen de Europeanen opdraven als de vredelievende diplomaten. Sarkozy leidt nu met krachttermen terwijl het aan Obama is om Iran mee te krijgen zonder dat sancties, laat staan militaire interventie, noodzakelijk is. Het is een risico dat de twee wereldleiders op deze manier nemen maar wellicht bestaat er een goede kans dat het werkt.