
Vandaag ontmoet President Barack Obama zijn Russische ambtsgenoot Dmitri Medvedev in Moskou. De twee wereldleiders zullen met name praten over het terugdringen van het aantal kernwapens waarover hun landen beschikken.
De zogenaamde START en SORT verdragen reduceerden al sedert de jaren tachtig het aantal kernkoppen alsmede hun leveringssystemen als langeafstandsraketten en bommenwerpers, echter tot op de dag van vandaag behouden zowel de V.S. als Rusland een arsenaal van duizenden atoombommen. Zo wordt de totale voorraad kernkoppen van de Verenigde Staten op zo een tienduizend geschat, waarvan, in 2007, er 3696 operationeel waren, oftewel op langeafstandsraketten, onderzeeërs of bommenwerpers uitgerust. De omvang van het Russische kernarsenaal is minder duidelijk. In 2007 zei Rusland 4237 kernkoppen operationeel te hebben, echter dit zou enigszins overdreven kunnen zijn. Zeker is dat het land verder tussen de acht- en tienduizend kernwapens in opslag heeft. De huidige onderhandelingen betreffen echter slechts de operationele kernwapens: deze willen Obama en Medvedev verder terugdringen.
Verder zal waarschijnlijk het raketschild dat de V.S. in Oost-Europa wil bouwen ter sprake komen. Obama erfde deze kwestie van zijn voorganger maar heeft zich al bereid getoond erover te onderhandelen. Wanneer immers, zo redeneert de nieuwe regering, Rusland verderstrekkende veiligheidsgaranties biedt is een volledig raketschild niet nodig om tegen een aanval uit bijvoorbeeld Iran te beschermen. Maar juist over Iran zijn de twee het niet helemaal eens. Zo onderhoudt Rusland intensieve economische banden met de Islamitische Republiek, bouwt het Russische staatsbedrijf voor atoomenergie aan een Iraanse kernreactor en koopt de laatste onder meer vliegtuigen in Rusland vanwege het westerse handelsembargo. Ten slotte lijkt Rusland zich maar weinig zorgen te maken over de aanhoudende onrust in Iran in nasleep van de presidentsverkiezingen afgelopen maand. In tegendeel, Medvedev schudde daags na de verkiezingen Ahmadinejad graag de hand. Dat is ook niet zo verwonderlijk aangezien onder Ahmadinejads bewind de banden met Rusland stevig zijn aangehaald. Zo werd samenwerking rond de Kaspische Zee overeengekomen alsmede in breder verbind, binnen de Sjanghai Samenwerkingsorganisatie waarvoor in 2008 door Iran volledig lidmaatschap werd aangevraagd. Ook economisch kunnen beide landen het goed met elkaar vinden. Toen bijvoorbeeld de Franse oliemaatschappij Total zich uit Iran terugtrok nam Gazprom maar al te graag haar plaats in. De Russiche gasgigant wil nu ook meebouwen aan een pijpleiding tussen Iran en Pakistan waarmee het haar mars zuidwaarts gestaag voortzet.
Dat Rusland zich steeds verder ingraaft in niet-westerse samenwerkingsverbanden als de Sjanghai groep en de BRIC met naast China, India en Brazilië als leden, moet Amerika zorgen baren. Alhoewel Rusland naast natuurlijke hulpbronnen vrijwel geen economie heeft, haar bevolking krimpt en haar leger verouderd en inefficiënt is, is het nog steeds een grootmacht met kernwapens, een vaste zetel in de V.N. Veiligheidsraad en enorme invloed in Zuid- en Centraal-Azië. Wellicht dat Obama beter eerst Peking had kunnen aandoen, aangezien in economisch opzicht de relatie met China vele malen belangrijker is dan die met Rusland, echter gelet op de oorlogen in Afghanistan en Irak, de spanningen in Pakistan alsmede de zorgen over nucleaire proliferatie, de Amerikaanse banden met Oost-Europa en de stabiliteit van de markt in fossiele brandstoffen is het zeer verstandig dat de president eerst met zijn collega in het Kremlin praat.
Dit artikel verscheen op 6 juli op Sargasso.